Waarom?

Aanraken en aangeraakt worden, zijn eerste levensbehoeften.

Een moeder wiegt en streelt haar kind als het huilt. Je slaat je arm om een dierbare heen als die verdriet heeft. Als je blij bent de ander te zien, raak je die aan met een handdruk, een kus of een omhelzing.

Voelen doen we met de tastzin, het zintuig dat het eerst tot ontwikkeling komt. De tastzin registreert niet alleen wat je voelt, maar ook hoe dat voelt.
Naar wat goed voelt, wil je toe. Van onlust wil je weg.

Toch is lichamelijk contact op veel plaatsen taboe. In de privésfeer mag het, als je geluk hebt. Het mag ook als het een duidelijke functie heeft, zoals in verzorgende beroepen.

Het is ook niet altijd vanzelfsprekend dat je luistert naar wat je diep in jezelf voelt en beleeft. Vaak doe je wat anderen van je verwachten. Dat kan zo’n tweede natuur worden, dat je de innerlijke overtuiging krijgt dat het zo hoort. Dan is het lastig je innerlijke stem te volgen, je ‘eerste natuur’. Veel problemen en klachten komen daar vandaan.

Aanraken en aangeraakt worden, op een vanzelfsprekende, onvoorwaardelijke manier, is een essentiële menselijke behoefte. Daarom kan haptotherapie helpen.

Alleen de stem van het hart bereikt een ander hart.
– Alfred de Musset